Oude Testament

Nieuwe Testament

Kerkelijk jaar

Onderwerpen

Categorie

Bron

Preekschets: Een hachelijke onderneming

Ter gelegenheid van Dankdag voor gewas en arbeid 2018

Bij Spreuken 6:1-11 (Psalm 67, Marcus 4:26-34)

Spreuken 6 op dankdag lezen heeft wel iets van een hachelijke onderneming als je het betrekt op de actuele flexibilisering van werk. De openingsverzen zijn in het licht van de toename van tijdelijke contracten en flexwerk meteen al goed voor gefronste wenkbrauwen: ‘Borg staan voor een ander, dat moet je niet willen! Het is een knellende band, waar je meer last dan voordeel van hebt.’ Het wordt klaarblijkelijk ook niet gezien als bevorderlijk voor het arbeidsethos van degene voor wie je borg staat, want die wordt in één adem door in vers 6 ‘luiaard’ genoemd.

Lezen we hier een soort van Bijbelse onderbouwing voor verdere flexibilisering van werk en een pleidooi voor het beëindigen van vaste verbanden op de werkvloer? Moeten wij dan niet verantwoordelijk voor elkaar willen zijn als het gaat om een stukje geborgenheid en zekerheid in ons leven en dus ook op de werkvloer?

De mier als flexwerker?

De mier is in dit verband een spannend beeld dat de Spreukendichter introduceert. Mieren ogen dan misschien wel als flexwerkers die los en zelfstandig hun werk kunnen doen, in de praktijk blijkt samenwerken de aard van deze beestjes te zijn en leven ze zeer gericht op elkaar. Dat doen ze ook als het gaat om de zorg voor wat klein, kwetsbaar en afhankelijk is: de larven. Dat wordt ook wel ‘gezamenlijke broedzorg’ genoemd. Dat zouden we nu juist een vorm van ‘borg willen staan voor’ kunnen noemen. Daardoor kan uit de larf een mier komen die straks op eigen benen kan staan en een waardevolle bijdrage kan leveren aan de hele mierenkolonie. Mieren zijn dus meer dan een verzameling individuen. Elke mier heeft wel zijn eigen plek binnen het geheel, maar wat iedere mier afzonderlijk doet is een wezenlijk onderdeel van het geheel. Met elkaar vormen ze een eenheid en worden ze ook wel aangeduid als een ‘superorganisme’. Een mooi beeld voor de participatiesamenleving waaraan we met elkaar bouwen.

‘Wijsheid’ 

‘Ga naar de mieren, luiaard, kijk hoe ze werken en word wijs.’ Het zijn beroemde woorden, die zomaar verkeerd verstaan kunnen worden, zeker als hun ‘wijsheid’ niet goed begrepen wordt. De oproep is niet om een overijverig wezentje te worden. Mieren weten wanneer ze aan de bak moeten, zoals ze ook weten wanneer ze hun rust kunnen nemen. In de zomer zijn ze druk als een baasje, in de winter niet. Wijs ben je dus, als je weet te onderscheiden wanneer het waar op aankomt.

Voor de Spreukendichter ligt de focus dus niet enkel op het werk dat gedaan moet worden, maar evenzeer op de rust die je nodig hebt om goed te kunnen functioneren. Het is een spannende vraag hoe die rust gerealiseerd kan worden in een arbeidsmarkt die door de voortgaande flexibilisering steeds onrustiger wordt. Voor menig flexwerker zal ‘rust’ vooral ook de onrust zijn van geen werk hebben en daarmee onzekerheid over de toekomst en niet of minder mogelijkheden hebben om zelf aan die toekomst te bouwen.

Dankbaar

In hoeverre speelt oog voor die rust en bestaanszekerheid een rol als het gaat om flexibilisering van werk? In een nieuwsitem over mensen met een nulurencontract werden twee mensen erop gewezen dat zij allang recht hadden op een vaste aanstelling. Dat wisten ze zelf niet, maar ze vonden het ook lastig om daarover te beginnen bij hun baas. Ja, ze voelden zich speelbal in het arbeidsspel, maar wat konden ze eraan doen? De angst om het werk dat ze nu nog hadden te verliezen, was te groot. De impact van werkonzekerheid op een mensenleven is groot. Zou je binnen een participatiesamenleving niet mogen verwachten dat dit gezien wordt en dat het dus onderkend wordt dat de huidige realiteit van flexibilisering van werk op gespannen voet staat met het ideaal dat iedereen volwaardig participeert?

De tekst in vers 9 ‘wanneer kom je uit je bed?’ klinkt buiten de context van de mierenkolonie al snel verwijtend. Maar in die context klinkt ze juist als de uitnodigende oproep van ‘doe je mee, want we kunnen het niet zonder jou’. Als dat ook de uitnodigende roep van de participatiesamenleving wordt, dan is het iets om dankbaar voor te zijn. Dankbaar daarvoor dat je gemist wordt en niet als overbodig geworden tijdelijke kracht aan de kant kan worden geschoven.

Deze preekschets maakt onderdeel uit van ‘Flexibilisering van werk’, materiaal voor Biddag/Dankdag/Zondag van de Arbeid 2018, uitgegeven door de Raad van Kerken in Nederland.