Oude Testament

Nieuwe Testament

Kerkelijk jaar

Onderwerpen

Categorie

Bron

Preekschets Lucas 16:9: christen-zijn op je werk

‘Maak vrienden met behulp van de valse mammon.’

Schriftlezing: Lucas 16 vers 1-13
Thema: Christen zijn op je werk

Het eigene van de zondag

Deze zondag van ‘Christen zijn op je werk’ sluit aan op de dankdag voor gewas en arbeid. In veel gemeente wordt dan ook een oogstdienst gehouden. Je zou kunnen zeggen dat de vruchten van ons dagelijks werk centraal staan. We beseffen dat deze door God gegeven zijn. Daarvoor zijn we dankbaar. En is er dan nog meer te zeggen over ons dagelijks werk, betaald of onbetaald, in relatie tot ons geloof? Tim Keller zegt: ‘Het is vaak moeilijk om christenen te laten inzien dat God mensen niet alleen wil gebruiken in de kerk, maar ook in de wereld van rechten, medicijnen, zaken en kunst.’ Je zou kunnen stellen dat gewoon werk niet bestaat. Al ons werk komt voort uit de opdracht van God om de aarde te bewerken en beheersen (Gen. 1). De tekst voor de Schriftlezing voor deze dag schetst een werksituatie. Welke lessen kunnen daaruit worden geleerd voor relaties en de omgang met geld en goederen?

Uitleg

De gelijkenis van de rentmeester wordt niet veel gelezen. In de tekst zit ook een problematische kant. De heer prees de oneerlijke rentmeester en Jezus weerspreekt dat niet. Het lijkt erop dat Jezus de handelswijze goedkeurt en zelfs dat we een voorbeeld moeten nemen aan deze rentmeester (vers 8 en 9)? Bijbelverklaringen zijn ook niet eenduidig over de betekenis. Hoewel in vers 1 Jezus zijn leerlingen aanspreekt, lijkt Jezus primair de farizeeën op het oog te hebben. Zij laten zich voorstaan op hun vroomheid en menen dat hun rijkdom een beloning van God is voor hun vrome gedrag. Bekend is dat vele van de farizeeën en zeker ook de hogepriesters erg bemiddeld waren. Zij meenden echter recht te hebben op die bezittingen en deden met hun geld en goederen naar eigen goeddunken.

Belangrijk voor de uitleg is de rol van de rentmeester. In de toenmalige tijd waren er veel heren die een rentmeester inschakelden voor het beheer van hun bezittingen. De rentmeester kreeg het mandaat om te handelen en de bezittingen tot rendement te brengen. Dat gebeurde onder meer door het verpachten van akkers aan boeren. Die boeren betaalden door een deel van de opbrengst af te staan aan de landheer. In de gelijkenis was het de heer ter ore gekomen dat de rentmeester zijn werk niet goed deed. In een gesprek wordt de rentmeester de wacht aan gezegd. Voor dat dienstverband eindigt, bedenkt de rentmeester hoe hij verder moet leven. Wat hij bedacht, werd door de heer als slim betiteld. De rentmeester maakte gebruik van zijn positie en ‘kocht’ de vriendschap van de schuldenaren van zijn heer. Hij gaf hen toestemming op de schuldbewijzen aan te passen in de hoop en verwachting dat hij dan na zijn ontslag van hen een wederdienst ontvangt. Hoewel de rentmeester niet buiten zijn mandaat handelde, is het toch een bedenkelijke gang van zaken. Het is niet waarschijnlijk dat Jezus dit wilde aanmoedigen. Het is duidelijk dat de oneerlijke rentmeester gebruik maakte van zijn positie om daar zelf beter van te worden. Vers 9 is een aanmoediging om net als de oneerlijke rentmeester vrienden te maken, maar dan niet voor het eigen belang. Voor welk doel dan wel? Jezus wijst op de ‘eeuwige tenten’. Een ongebruikelijk begrip dat verwijst naar de toekomst. Het meest waarschijnlijk is ‘het koninkrijk van God’.

Een ander begrip dat niet veel voorkomt in de Bijbel is ‘mammon’. Dit woord is een transliteratie van het Arameese mammona. Afhankelijk van de vertaling komt het woord slechts 4 of 5 keer voor in de Bijbel. Naast Lucas 16 alleen nog in Matteüs 6. Woordenboeken geven aan dat mammon platweg vertaald kan worden met geld of kapitaal, maar een bredere betekenis is ook mogelijk. Het gaat dan om ‘dat waar iemand zijn vertrouwen op stelt’. In die betekenis is het ook mogelijk om de mammon te typeren als een afgod, een wezen waar iemand op vertrouwt boven God. Bepaalde vertalingen kiezen er dan ook voor om Mammon met een hoofdletter te schrijven. Er is sprake van personificatie. Buiten de Bijbel wordt de mammon ook aangetroffen in de boekrollen van Qumran. Van iemand die toetreedt tot de gemeenschap werd verwacht dat zijn mammon werd afgestaan.

Tot slot, als Lucas spreekt over vrienden dan heeft hij veelal de weduwen, wezen en vreemdelingen op het oog. Dat zijn de kwetsbaren in de samenleving. In de Joodse traditie wordt ook God een Vriend genoemd. Een link naar de samenvatting van de wet is daarmee gauw gelegd. ‘Heb uw naaste lief als u zelf en God boven alles’.

Aanwijzingen voor de verkondiging

De gelijkenis van de rentmeester wordt ook wel getypeerd als voorbeeldverhaal. Het is uit het leven gegrepen. Met respect voor de context kan worden gesteld dat wat hier gebeurt voor velen op de werkvloer herkenbaar is. Hoewel de oneerlijke rentmeester in formele zin niet iets heeft gedaan dat strafbaar was, voelen we aan dat hier iets niet klopt. Het komt helaas vaker voor dat mensen gebruik maken van hun positie om iets voor zichzelf te regelen. Ook het begrip ‘vriendjespolitiek’ is in deze context passend. Als je in een positie zit waarin je invloed uit kunt oefenen, als je beschikt over geld en kapitaal, hoe zet je dat dan in?

Jezus keert zich tegen de farizeeën en iedereen die in een bepaalde (luxe) positie alleen aan zichzelf denkt. Hoewel dat in formele zin kan en mag, is dit met het oog op het Koninkrijk van God niet wenselijk. De vraag is hoeveel mensen zich bewust zijn van de opdracht om met hun positie (op de werkvloer) en hun geld, vrienden te maken met het oog op het Koninkrijk van God? In een tijd waar mensen nog maar zelden de kerk bezoeken of zelfs volledig de rug hebben toegekeerd, kan het Evangelie hen vaak alleen nog bereiken via de werkvloer. Daar waar in een teamverband wordt gewerkt, is vaak sprake van langdurige en vertrouwde relaties. In dat verband kan het Evangelie ook zo maar ter sprake komen. Niet dat gemeenteleden moeten worden aangezet om te gaan evangeliseren op de werkvloer, maar wel dat ze zich ervan bewust zijn dat ze met hun houding en gedrag iets zeggen. In hun ogen, door hun handen, kunnen anderen Jezus op het werk zien. Zo kan deze gelijkenis worden uitgelegd naar de huidige tijd waarin individualisme en eigen belang zo vaak voorop staan. De handreiking van de tekst voor vandaag is om vooral betrouwbaar te zijn. Ook als het gaat om minder grote zaken of voor ons gevoel minder belangrijke posities. Daarbij kan worden aangehaald dat ons dagelijks werk voorkomt vanuit een opdracht van God. Met de woorden van Kolossenzen 3: 23 en 24 ‘wat u ook doet, doe uw werk van harte… alsof het voor de HEER is en niet voor mensen – uw meester is Christus’.

Het bezit van geld of kapitaal wordt door Jezus dus niet afgekeurd. Sterker, je kan er blijkbaar goede dingen mee doen, zoals ‘vrienden maken’. Dat heeft eeuwigheidswaarde. Wel geeft Jezus een waarschuwing. Hoe ga je met het geld dat jou is toevertrouwd om? Daar kan het beroep van rentmeester ook behulpzaam bij zijn. Een rentmeester leeft vanuit het besef dat niets van hem zelf is. Zo ook kunnen wij leven vanuit het besef dat alles wat wij ontvangen en bezitten van God is. Iets uitdelen van wat van de Ander is, gaat ons gemakkelijker af. Zo kunnen we delen met hen die het nodig hebben.

Liturgische aanwijzingen

Er kan een lijn getrokken worden naar Deuteronomium 6:5. God liefhebben ‘met hart en ziel en met inzet van al uw krachten’. Daarnaast Matteüs 6 vers 24 tot en met 34 of Kolossenzen 3. NLB 912 ligt voor de hand, of NLB 289. Uit Hemelhoog (HH) 679. Psalm 25 (LB/NLB).

Geraadpleegde literatuur

  • John Nolland, World Biblical Commentary, Volume 35B. Word Book Publisher, Dallas Texas USA, 1993.

  • Dr J.T. Nielsen, Het Evangelie naar Lucas, Prediking Nieuwe Testament, Uitgeverij Callenbach Nijkerk, 1983.

  • Tim Keller, Goed Werk. Ons dagelijks werk en Gods plan voor de wereld. Van Wijnen, 2014.